De CAM Race van de Wardy IV

Een verslag van de CAM race van de Wardy IV, een Wauquiez Hood 38

Hans van Nielen

De Aanloop

“Die CAM Race, is dat niets voor jou?”, was mijn voorzet en jawel twee weken later belt Frits dat hij had ingeschreven en of ik meeging.

Nou dat was de bedoeling.  Al meerdere tochten zeilde ik met Frits Pasma op zijn Wardy IV, een Hood 38 van de Franse werf Wauquiez.

Een stoer jacht van 10 ton en van hoge kwaliteit en alles prima voor elkaar.  Tuigage: grootzeil en daarvóór twee rol genua’s, de voorste noemen we de kluiver.  En vóór de mast, aan een extra aangebrachte stag, een kleinere rolgenua, die de kotterfok wordt genoemd.

De aanbrengtocht naar Lauwersoog via Vlieland was een prima zomerzeiltocht.  Zon, zeil en de motor omdat er nu en dan te weinig wind was.

Maandagavond fietsten we over Vlieland.  De zon scheen en dat was bijzonder want de kampeerders op Vlieland hadden kennelijk veel regen gezien: op de camping hingen veel natte spullen aan de lijn.

Het Weer

Ja, het weer!  Om er in te komen, had ik al een week lang de weerberichten gevolgd en ijverig kaartjes van Bracknell binnengehaald.  De lage druk gebieden kwamen dag-in dag-uit (soms met drieën tegelijk) vanuit het westen.

Hoe weet de wind welke kant hij op moet als de lage druk gebieden bij elkaar liggen en samen uitgehuwelijkt worden aan een enkel hoge druk gebied ver weg?  Wel was me duidelijk dat de kans op mooi zomerweertje tijdens de CAM Race klein was.

Donderdag 8 juli staan de feestelijke CAM vlaggen in Lauwersoog strak aan de mast.

De Deutsche Wetterdienst laat weten Deutsche Bucht Bft 7 en bij Helgoland Bft 8.  Ik zoek Aitske en Pieter op hun Annies op en gelukkig heeft Aitske een hele reeks weerstations beluisterd en gezamenlijk was snel besloten dat die 8 van mij onzin moest zijn.

Zaterdagmorgen de briefing voor de start.  Een professionele meteo-man legt ons uit: forse wind, maar niet echt iets om je ongerust over te maken.  Verwacht 20-25 knopen ( 5 à 6 Bft) maar niet meer.  Hooguit in de vlagen meer wind.

Een ‘Low’ boven Zuid-Zweden - nu 1002 - blijft stationair en gaat zorgen dat we gedurende drie dagen ongeveer hetzelfde weertype zullen houden.

De windrichting is west tot noordwest, zondag ruimend naar noordwest en zal ten Oosten van 7° E - dus dicht onder Denemarken - iets minder zijn.

Nu wat we werkelijk kregen.  Hieronder een uittreksel uit het logboek van de Wardy IV.

Uittreksel logboek Wardy IV
Dag&Tijd Wind
m/s
Bft Baro
za12.10op zeil door de startlijn 1771004
12.25grootzeil & motor2081004
14.50startboei gerond op zeil, 2e rif & kotter fok14 61004
23.30bij EF B boei in VSS1461002
zo03.55wind NW157 999
10.00 115996
18.00 126995
22.00 198995
23.30 239994
ma06.00boven W-kant Jutland Bank 229991
08.00iets afgevallen, COG 37208 991
14.002-de rif & kotterf. & kluiver136 992
17.20 115991
19.0057°47’N8°34’O, bijna wind-stil, halfwinder bij, diner op vlak water01-991

Conclusie: bij de start al Bft 7 en vanaf zondagavond gedurende 12 uur hebben we 38 tot 46 knopen gemeten.

Ja, inderdaad gemeten, dus ‘schijnbare’ wind, maar het blijft toch flink veel wind.

Overigens geeft onze barometerstand aan dat we zelf in een ‘Low’ zaten waar ze in Zuid-Zweden niet aan konden tippen.

Het Spektakel bij de Start

De start is tussen 11:30 en 12:30 uur, een uitstekende tijd voor de toeschouwers maar om 11:05 is het laag water in Lauwersoog.

Na de start moeten we naar het westen, tegen de wind en stroom in.  Gezellig met 140 boten kruisen in smal vaarwater bij Bft 6.

Mijn vertrouwen in de wedstrijdleiding neemt met spron-gen toe als bekend wordt gemaakt dat — gezien de omstandigheden — de boten verzocht worden onder zeil door de startlijn te gaan, maar daarna mag desgewenst de motor bij tot verkenningston WG helemaal buiten op zee.  Dáár moeten we ons melden (ch.77) en het tijdstip van ronden van deze boei zal onze starttijd zijn voor de wedstrijd.

Wij starten in groep 2 — er zijn 5 of 6 groepen — en in het gebied vóór de startlijn is het inderdaad het hectische gebeuren dat je mag verwachten.

De echte wedstrijdzeilers kruisen full-speed door het veld.  De meer bedaarden, zoals wij, ‘kruisen’ op de motor.

De wind is al Bft 7 en als we vlak voor het startschot de zeilen hijsen, vliegt de genua onder uit zijn bevestiging: harpje kwijt.  We gaan terug en twee man zijn een half uurtje bezig om dit te herstellen, en onderwijl drijfnat wordend.  Na onze wat late start motorkruisen we in de stortregen naar buiten.

Als we wat meer ruimte hebben en op meer noordelijke koers op zeil naar boei WG varen, komen we diverse zeilboten op tegenkoers tegen en is de kustwacht bezig een paar boten te assisteren.  Wat zoek je ook bij dit weer tussen de banken?

De Tocht: Mijn Indruk

We varen áán de wind naar boei WG.  Dan naar de boei EF B, in het tweede verkeersstelsel en meer naar het westen gelegen, moeten we zelfs een slag maken.

Daarna was gepland om wat af te vallen richting Denemarken om dan later de kop van Jutland te ronden, komend via het diepwaterkanaal tussen de Jutland Bank en het vaste land.

De schipper wil echter - gezien de wind - vèr van lagerwal blijven en dus blijven we onze aan-de-windse koers vervolgen.  Dit betekent 50 á 60 graden aan de wind.  Niet echt scherp maar voldoende om regelmatig een enorme bak water over te krijgen.

Achter het roer valt niet weg te duiken en het is een uitkomst als we er 's zondags achterkomen dat de stuurautomaat het op deze koers prima doet.

Voor ons vier is dit de eerste keer dat we in zulke omstandigheden zo lange tijd op zee zijn.

De golven kregen mooi de tijd om zich op te bouwen.  Van onze reeds voorbereide warme maaltijd komt de eerste 24 uur niets terecht.  Vruchtensap uit de ijskast is niet direct waarop je zit te wachten als je koud en nat bent, maar het zetten van thee of het maken van bouillon is al een hele klus, die we minder vaak ondernemen dan zou moeten.

Zelfs deze boot van 10 ton wordt een kermisattractie en vóór de kombuis aan de hoge kant heb je niet veel houvast.  Een excursie naar het toilet is…  Maar dat is al vaak genoeg uitgelegd.

Welnu tijdens mijn wacht strip ik me van mijn laarzen en zeilpak, zittend op de kooi aan de hoge kant en met mijn voeten prima schrapgezet tegen een tegenoverliggende opstand.  Wat kan je gebeuren?

Nou tot mijn verbazing heel wat.

De boot maakt op een abnormale golf zo’n snelle schuiver en maakt zo snel helling dat ik finaal door de lucht vlieg en tegen de wand aan de lage kant gekwakt wordt, en dan boven op de borstkas van de aan de lage kant slapende Peter.

Mijn wachtmaatje Robert in de kuip is gelukkig goed binnenboord gebleven.  Hij zag me vliegen en hoort de knal binnen en denkt dat ik minstens een gat in mijn hoofd moet hebben opgelopen.

Hij heeft echter geen rekening gehouden met mijn persoonlijke beschermengel.  In plaats van met mijn gezicht tegen de wand te komen, ben ik op één of andere manier in de lucht gedraaid en kom nu met mijn rug tegen die wand en de knal van mijn hoofd wordt gebroken door de meebuigende plank waarachter de boeken staan.

Als we daarna via de marifoon horen dat aan boord van de Cher van Piet Dijkema iemand een aantal ribben heeft gebroken, bedenk ik natuurlijk wel hoe dichtbij een dergelijk ongeval ook voor mij was.

Van De Schoonheid En De Troost

Is het allemaal kommer en kwel?  Nou, helemaal niet!  Het is geweldig om mee te maken.  Indrukwekkend en de zee is prachtig.

Heerlijk ook om dit te beleven op een boot die er kennelijk zelf geen enkele moeite mee heeft.  Geen moment heeft iemand zich aan boord onveilig gevoeld.

Nu en dan hebben we een zonnige periode, wat een pracht is het dan.

Bij de Jutland Bank komt een trawler ons vissend inhalen.  Hoe lang is dat schip?  60 meter?

Bij elke golf die onder hem doorloopt, komt zijn boeg samen met 10-15 meter schip uit het water en ploft even later weer in zee, witte opspringende fonteinen veroorzakend.

De Wind Is Op

Maandagavond boven Jutland valt de wind volledig weg.  Twee uur terug hebben we nog golven en zelfs oceaandeining.  Met het tweede rif en beide genua’s maken we 7 knopen.

Daarna hebben we steeds minder wind.  De halfwinder gaat op en om 19:00 uur is het praktisch windstil, zonnig met een snel kalmer wordende zee.  Even later genieten we in vakantiestemming van een prima warme maaltijd.

De wetterfax / Deutsche Wetterdienst print tijdens ons diner uit dat het hier Bft 5 of 6 moet zijn en in Oosten van het Skagerrak wisselvallig.  Die nacht hebben we zwakke wisselende winden.

Tegen de morgen kunnen we weer flink varen en over-moedig geworden zijn we blij met het weerbericht dat het nog flink kan gaan waaien.  Wat kan ons bij flinke wind die beroemde continu rondmalende stroom in het Skagerrak schelen?

We koersen recht op de finish bij Stavern af.  Echter aan het eind van de middag, met rechtwijzend nog 20 mijl te gaan, valt de wind weer weg.

We kruisen een paar uur en ervaren hoe de zwakke stroom ons nu volledig de nek omdraait.

Kruisrakken komen onder hoeken van 60 graden i.p.v. 90 graden.  We schieten niets op.  Was er nog te weinig zon die dinsdag om de ‘solgangbris’ op te wekken, of waren we nog niet binnen bereik?  Hoe het ook zij, als we een uur hebben liggen wachten op een zuchtje wind beslist de schipper dat zijn geduld op is.

De motor wordt gestart op 15 meter van de finish, onze wedstrijd is voorbij.

Een paar uur later liggen we afgemeerd in Stavern en wordt zittend in de avondzon geklonken op een prachtige tocht.

Het vakantiedeel van mijn tocht naar Oslo is begonnen.

Deze bemanning - Peter Jiskoot, Robert Janz en ondergetekende - stappen in Oslo af.  De Wardy - en schipper Frits Pasma - gaat vanaf Oslo langs de Zweedse kust en Denemarken met andere bemanning verder.

Misschien een goed idee voor PZVschippers , een snelle aanbrengtocht naar Oslo?

Een prima zeilervaring voor de bemanning en vliegticket terug van Oslo naar Rotterdam is er al vanaf 25 Euro